Multiscale gitaren en bassen: wat is het nut van die schuine frets?

26 oktober 2026
UpsizingGear_Multiscale gitaren en bassen, wat is het nut van die schuine frets

Strakkere lage tonen en meer definitie

Wie voor het eerst een multiscale gitaar of bas ziet, vraagt zich misschien af of de bouwer de frets per ongeluk scheef heeft gezet. Toch zit er een duidelijke gedachte achter die waaiervormige fretindeling. Zeker bij gitaren met zeven of meer snaren en bassen met een lage B-snaar kan multiscale een praktische oplossing zijn. Maar wat levert het op en merk je er tijdens het spelen eigenlijk iets van?

Waarom multiscale?

Bij een traditionele gitaar hebben alle snaren dezelfde mensuur: de afstand tussen de topkam en de brug. Dat werkt prima, maar iedere snaar heeft zijn eigen ideale lengte. Een dikke snaar die laag gestemd is, heeft meer lengte nodig om voldoende snaarspanning te behouden. Tegelijkertijd wil je de hoge snaren niet onnodig lang maken, want dat kan bends en vibrato zwaarder maken.

Daar zit precies de gedachte achter multiscale. De lage snaren krijgen een langere mensuur, terwijl de hoge snaren korter blijven. De frets staan daardoor onder verschillende hoeken op de toets. Vandaar ook de benaming fanned frets.

Het principe is niet nieuw, maar heeft de afgelopen jaren vooral aan populariteit gewonnen bij gitaren met een uitgebreid bereik en bij moderne basgitaren.

Strakkere lage tonen en meer definitie

Het grootste voordeel is de betere balans in snaarspanning. Bij een zevensnarige gitaar met een lage B-snaar of een acht­snaar die nog verder naar beneden gaat, kan de extra snaarlengte een wezenlijk verschil maken. De lage snaren voelen minder slap aan en reageren strakker op je aanslag. Ook de definitie van lage noten en akkoorden kan verbeteren, zeker bij lagere stemmingen.

Dat betekent niet dat iedere multiscale automatisch beter klinkt. Snaardikte, afstelling, pickups en de gebruikte stemming spelen eveneens een rol. Multiscale geeft je vooral meer mogelijkheden om de spanning en respons van de verschillende snaren in balans te brengen, zonder dat je de hele gitaar een extreem lange mensuur hoeft te geven.

Voor basgitaristen geldt hetzelfde principe. Vooral de lage B-snaar van een vijfsnarige bas kan profiteren van een langere mensuur. Je kunt daarmee een strakker laag en een duidelijkere toon krijgen, terwijl de hogere snaren prettig bespeelbaar blijven.

Moet je wennen aan die schuine frets?

Dat is misschien wel de interessantste vraag. Op foto’s ziet een multiscale toets er behoorlijk anders uit, maar in de praktijk valt dat vaak mee. Ergens rond het midden van de toets bevindt zich een neutrale fret die vrijwel recht staat. Vanaf daar lopen de frets geleidelijk verder uit elkaar in hoek.

Sommige gitaristen moeten in het begin even wennen aan de andere geometrie. Vooral bij bepaalde grepen of wanneer je veel over de toets beweegt, kan het anders aanvoelen. Hoeveel je daarvan merkt, hangt onder meer af van de gekozen mensuren en de plaats van de neutrale fret.

Zelf merk ik op mijn zevensnarige gitaar eigenlijk helemaal niets van die overgang. Ik speel erop zoals op iedere andere gitaar. Dat is natuurlijk persoonlijk, maar het laat wel zien dat de schuine frets niet automatisch een obstakel vormen.

Een nicheproduct?

Multiscale is inmiddels veel meer dan een opvallend ontwerp voor een handvol metalgitaristen. Aristides verkoopt bijvoorbeeld naar eigen zeggen inmiddels ongeveer de helft van zijn gitaren in multiscale-uitvoering. Dat zegt iets over de vraag onder gitaristen die bewust kiezen voor een uitgebreid bereik en lagere stemmingen.

Is multiscale voor iedereen noodzakelijk? Nee. Op een traditionele zessnarige gitaar in standaardstemming zijn de voordelen mogelijk minder doorslaggevend. Maar zodra je met zeven of acht snaren, lagere stemmingen of een vijfsnarige (of meer) bas werkt, wordt het een stuk interessanter.

Uiteindelijk gaat het niet om frets die er anders uitzien, maar om een instrument dat over het hele bereik goed blijft reageren. En als je tijdens het spelen nauwelijks merkt dat de frets schuin staan, is dat misschien juist het beste bewijs dat het ontwerp zijn werk doet.