Ergens in oktober reden we met een aantal vrienden richting P60 in Amstelveen. Als jong gastje had ik nooit zoveel met Anvil. Het artwork vond ik gaaf, maar de muziek raakte me destijds niet helemaal. Ik was inmiddels meer richting het extremere spul aan het gaan.
Voordat Anvil echt bijna uit beeld verdween, verscheen hun rockumentary. En boem, Anvil stond weer op de kaart (ook bij mij). Dat was ook te zien aan het goed gevulde P60. Het voorprogramma, Killer uit België, kende ik van naam, maar niet van hun muziek. Dat bleek een gemiste kans, want zowel ik als de zaal waren enorm onder de indruk van de band, de performance, de sound en de nummers.
UpsizingGear trok zijn battlejacket aan en nam contact op met gitarist en frontman Paul ‘Shorty’ van Camp. We vroegen hem het hemd van het lijf over Killer, zijn gear, zijn manier van spelen en de toekomst van de band.
Een perfecte match met Anvil
Jullie stonden onlangs in P60 als special guest van Anvil. Hoe is het om met zo’n band op tournee te zijn?
“Dat is een privilege. Gezien onze beider roots passen we heel goed samen. Het is een perfecte match, zowel voor de fans als voor de bands. We proberen allebei de kwaliteit uit de jaren tachtig te leveren. Anvil heeft ons persoonlijk uitgenodigd om mee te toeren, aangezien ze zelf ook fan zijn van Killer.
We zijn eerder special guest dan voorprogramma. We zitten voor 52 shows samen in de tourbus en zijn dus als een familie die op muzikaal kampeerverlof gaat.”
Killer bestaat sinds 1980. Is de muziek in al die jaren veranderd?
“Het spelen zelf is uiteraard verbeterd, maar de muziek is grotendeels hetzelfde gebleven. Iets wat goed is, moet je niet te veel veranderen. Metalfans zijn immers zeer conservatief.
We hebben een tijdje meer gesofisticeerde songs gemaakt, zelfs met keyboards erbij. Toch willen de diehardfans steeds de oude, echte Killersound. Ik ben nog steeds zeer fier op de meer verfijnde albums die we gemaakt hebben. Muzikaal waren die misschien zelfs ons betere werk. Maar onze fans geven ons bestaansrecht, dus je moet ook rekening met hen houden.
De liveversies zijn steeds een tikkeltje anders, maar we gaan niet al te ver van het origineel af. Albumsongs die moeilijk live te spelen zijn zonder extra muzikanten of samples, doen we gewoon niet. We hebben na negen albums immers genoeg goede livesongs.”
De kracht van een driemansformatie
Killer speelt met drie muzikanten, maar het geluid stond in P60 als een huis. Hoe zorg je ervoor dat er niets ontbreekt?
“Dat is eigenlijk heel logisch. Een driemansformatie klinkt primitief en minder hectisch dan een grote bezetting met meerdere gitaren, keyboards enzovoort. We kunnen ook wat luider spelen zonder chaotisch over te komen. Daardoor klinken onze buizenamps uiteraard beter. Voor de geluidsman is een trio bovendien een zegen, want het is eenvoudiger om een goede mix te maken.
De songs die we live spelen, componeer ik met in mijn achterhoofd dat er geen grote gaten mogen vallen. Ook de basgitaar speelt daarin een belangrijke rol. Jan Anthonis streeft bij Killer een diep en wollig basgeluid na. Een heldere, funky bas zou niet werken om onze massieve sound overeind te houden. Black Sabbath is daar ook een goed voorbeeld van.”
Jet City: een betaalbare monsterversterker
Tijdens het optreden viel vooral het strakke laag in je gitaargeluid op. Zag ik goed dat het een Jet City betrof?
“Het is een 100 watt Jet City en ik heb er twee. Enkele jaren geleden las ik een review in het Duitse vakblad Gitarre & Bass. Daarin beschreven ze het als een monsterversterker voor een lage prijs. Het is een Chinese kopie van een Soldano SLO100, gebouwd onder licentie van Soldano zelf.
Ze waarschuwden er meteen bij dat ze moeilijk te vinden waren, omdat ze al een tijdje niet meer gemaakt werden. Als je er eentje kon vinden, moest je niet twijfelen maar toeslaan. Dat was voor mij meteen een uitdaging. Ik heb een hele tijd tweedehandssites moeten afschuimen. De eerste vond ik in Charleroi en de tweede een jaartje later in Tilburg.
Ze klinken inderdaad fantastisch, maar de betrouwbaarheid van Chinese producten moeten we nog afwachten. Ik heb ook nog steeds een arsenaal Marshalls, waaronder een JVM410 en een DSL 100, maar tegenwoordig speel ik meer op de Jet City’s.”
Pedalen voor de finishing touch
Je versterkers leveren al behoorlijk wat oversturing. Welke pedalen gebruik je om je geluid live af te maken?
“Ik gebruik live een Boss GT-1, waarvan ik vooral de delay, chorus, wah en een klein beetje overdrive gebruik. Met de Jet City heb ik nauwelijks overdrive nodig, want die klinken zelf al vettig genoeg.
Verder gebruik ik een Drop-pedaal voor enkele lager gestemde songs en een TC Harmony-G XT harmonizer om sommige refreinen meerstemmig te maken. Die gaat mee door de gitaar, zodat de harmonieën perfect gevolgd worden en de stemmen in de juiste toonsoort blijven.”
Ben je een echte liefhebber van buizenversterkers, of gebruik je ook digitale apparatuur?
“Ik speel al eeuwen op buizenversterkers, maar ik heb ook een Hughes & Kettner Black Spirit 200 Floor als back-up, of wanneer we ergens met het vliegtuig naartoe moeten. Met dat toestel kan ik mijn geluid redelijk benaderen, maar nooit helemaal hetzelfde.”
Ook in de oefenruimte hoeft het niet altijd op standje elf.
“Dat hangt ervan af met welke van mijn bands ik oefen. Meestal oefenen we op huiskamervolume, met elektronische drums en kleine versterkers van 15 watt. Dan zing ik zelfs zonder versterking. Dat is zalig voor je oren en je hoort ook elke fout die je maakt.
Voor mijn soloproject Van Camp en mijn Motörhead-tributeband Motorheadz gaat het wel op volle kracht, met Marshalls of Jet City’s.”
Een nieuwe plaat en een soloproject
Met The Grand Finale is er nieuw werk van Killer verschenen. De plaat kwam er vrij snel, vertelt Paul.
“Toen we wisten dat we op tournee gingen, beseften we dat we weinig aan te bieden hadden op onze merchandisingstand. Al ons oude materiaal was uitverkocht, inclusief de heruitgaven. We kregen van het label een zeer korte deadline, omdat de plaat anders niet op tijd voor de tournee zou verschijnen.
Daarom heb ik snel een aantal oudere songs herwerkt en er slechts drie nieuwe bij gecomponeerd. Om het oneerbiedig te zeggen: het zijn leftovers van mijn soloalbum en van het vorige Killer-album Hellfire, die toen net niet op de albums terechtkwamen.
Die songs blijken echter veel sterker over te komen dan ik zelf verwacht had. We krijgen zeer positieve reviews en ik hoor steeds vaker dat dit ons beste album sinds de beginjaren is.”
Ook het soloalbum komt eraan. Daarop krijgt Paul meer ruimte om muzikaal buiten de gebaande paden van Killer te treden.
“Mijn soloalbum bevat songs die te gesofisticeerd zijn voor Killer, met langere composities en uiteraard veel en lange solo’s. Anders zou het immers geen soloalbum zijn. Er staan ook enkele knappe instrumentale songs op. Uiteraard blijft alles klinken zoals Killer, omdat ik mijn typische stemgeluid niet kan amputeren. Ook mijn gitaarstijl en geluid blijven zeer aanwezig.”
Is dit echt het einde van Killer?
Tijdens het optreden liet Paul doorschemeren dat het met de laatste plaat misschien wel gedaan zou zijn. Toch lijkt de band nog lang niet uitgespeeld.
“Ik was effectief van plan om eind 2025 te stoppen met Killer. Ik vond dat de aandacht van de fans en de media begon te verslappen. Er is een tijd van komen en gaan.
Maar toen ik dat openbaar maakte, kreeg ik plots een massa aanmoedigingen via e-mail en sociale media om verder te doen. Toen kwam ook nog het aanbod van Anvil om mee op tournee te gaan, plus een nieuwe platendeal, en de wagen is opnieuw aan het rollen.
Hoe lang dat gaat duren, hangt ook van mijn gezondheid af. Ik ben niet meer van de jongste. Echt stoppen met muziek ga ik niet doen, maar ik wil het wel wat rustiger aan doen. Ik laat de einddatum open, maar het wordt meer dan waarschijnlijk ons laatste studioalbum. Vandaar de titel The Grand Finale.”
Voorlopig nog geen afscheid
Voor wie Killer pas onlangs heeft ontdekt, is het goed nieuws dat Paul van Camp de stekker er nog niet definitief uittrekt. Met negen albums op zak, een stevige livesound en een tournee met Anvil voor de boeg heeft de band voorlopig genoeg om op terug te vallen. En met een soloproject in aantocht lijkt ook de gitaar van Paul nog lang niet aan rust toe.
Of The Grand Finale daadwerkelijk het laatste studioalbum van Killer wordt, zal de tijd uitwijzen. Eén ding is duidelijk: wie houdt van traditionele heavy metal, stevige riffs en een gitaargeluid dat niet afhankelijk is van een muur aan muzikanten, doet er goed aan Killer eens live te gaan bekijken.
Meer informatie over de band vind je op www.4-killer.be.
